Na een verblijf van ongeveer drie jaar in de zaal van de jongens MULO, was deze alweer te klein geworden voor de gestaag groeiende vereniging en verkaste de club omstreeks 1948 naar het gymnastiek lokaal van de H. Hartschool aan de Galgenweg.
De periode die hier begon zou een van de glorierijkste warden uit de geschiedenis van de toen nog jonge vereniging. Een periode met nieuwe namen die zich daar aandienden waaronder die van velen die gedurende hun lid zijn van grote betekenis voor de vereniging zouden zijn en niet weg te denken uit de geschiedenis van Rapidity. Zoals die van Ben Kanne (had enkele jaren bij Prowano gespeeld) en Henk Eijking die er in '49 bijkwam. Andere nieuwelingen: Fons Krouwels (ex. lid van Winfried) en Han Tervoort na zijn terugkeer als militair uit Indie eind 1950. Maar het waren niet alleen de senioren die de gelederen kwamen versterken; ook de jeugd had inmiddels de weg naar "Rapidity" gevonden. Onder leiding van Henk Eijking, Ben Kanne en Corry Schuijt (zij verzorgden de trainingen, er warden onderlinge wedstrijden georganiseerd) draaide de jeugdafdeling op volle toeren en groeide deze uit tot ongekende hoogte.
Onder deze jeugd ook veel belovende talenten zoals Frans van Woensel, Theo Keet en Henk Geldermans (waarvan de laatste ook op de dag van heden nog steeds in de club actief is) en later, rond '53/'54 de broers Fons en Bernard Winder, Hans v.d.Meij, Bert Kors en de meisjes Truus Rozemeijer, Ria Smit en Ans Hoog Antink. In 1951 verhuisde Dol van Duin naar Amsterdam wat ook zijn afscheid van de club inhield. Bij zijn afscheid werd hij tot erelid benoemd. Gerard Kleijne volgde hem als voorzitter op; Ferry de Wildt kwam in zijn plaats voor enkele jaren in het eerste team. In de loop van de jaren waren ook in de overige bestuursfuncties veranderingen gekomen. In september 1953 bestond het bestuur naast voorzitter Gerard Kleijne uit: Theo Schuijt (secretaris), Corry Schuijt (penningmeesteresse), Leo Boon en Henk Eijking (Commissaris). Het toenemende ledental kwam ook tot uitdrukking in het aantal teams dat uitkwam in de kompetitie. In het seizoen '53/'54 zelfs zes heren- en vier damesteams. Het le-damesteam bestond toen uit Miep van Duin, Jeanne Zwart en Trudy Dijkman. Bij de heren wend het 1e-team gevormd door Henk Eijking, Leo Boon en Corry Schuijt, die op grond van haar sterkte enkele jaren dispensatie kreeg om bij de heren te spelen. In de daarop volgende jaren zou zij ook sommige seizoenen weer bij de dames in actie komen."Rapidity" bleek ook een reislustig gezelschap te zijn. Een aantal leden ging mee met de in mei 1953 door de afdeling Haarlem georganiseerde meerdaagse bustocht naar het Saarland waar tegen verenigingen uit Saarbrucken en omgeving gespeeld werd. Men ging met tien bussen vol. Voor de deelnemers werd dit een reis om nooit te vergeten. Begin september '54 maakte de club een achtdaagse busreis naar het Harzgebergte wat voor velen nog steeds geldt als een hoogtepunt uit hun 'Rapidity-tijd'.
Het jaar daarop volgde het tegenbezoek van de "Harz-vrienden" aan Beverwijk. Er werden diverse uitstapjes gemaakt (Amsterdam, de bollenvelden, Volendam en Marken) en men bezocht een dag de Wereldkampioenschappen in Utrecht. Ook een fikse strand- en duinwandeling gingen er in als 'bratwurst'. En wie nog niet voldoende energie kwijtgeraakt was kon dit nog doen op de twee feestavonden die evenzoveel hoogtepunten waren in dit weekse verblijf in "de Wijk". Tussen al deze uitstapjes door werd er nog getafeltennist ook. Deze ontmoeting leverde een Duitse winnaar op, Fritz Mevert die Carl Weber in de finale klopte. Gerard Kleijne was de grote promotor van deze buitenlandse kontakten. Ook de jeugd wilde er wel eens uit. Zij maakten in juli '54 een bustocht naar Lichtenvoorde, de woonplaats van ex. Rapidityspeler Harry Steenman. In september '54 bereikte het ledental het magische getal van honderd leden. De jeugdafdeling was gigantisch gegroeid en bedroeg 29 jongens en 25 meisjes. Op de verenigingslijst van "Kennemerland" nam "Rapidity" in 1955 met 43 bij de Bond geregistreerde (competitiegerechtigde) leden de tweede plaats in op een totaal van 36 verenigingen.
In januari 1955 verscheen het eerste exemplaar van het "Rapidity" clubblad "TOPSPIN', onder redactie van Theo Schuijt, Ben Kanne en Henk Eijking. In verband hiermede werd de contributie met 10 cent (een dubbeltje) per maand verhoogd. In het eerste nummer lovende woorden van voorzitter Gerard Kleijne, Pastoor Vollebrecht en oud-voorzitter/oprichter Dol van Duin die allen "Topspin" een langdurig leven toewensten. Maar al na twee jaar bleek het regelmatig laten verschijnen van een clubblad geen eenvoudige opgave te zijn. De eerste twee jaargangen kwamen vlot van de pers en leverden ieder tien nummers op maar door gebrek aan medewerking verscheen het blad in 1957 al niet meer. Na een jaar kwam het blad weer terug:"Gestoken in een prachtig nieuw jasje en met goed verzorgde inhoud. Wat een weelde", aldus de kwalificatie van de afdeling " Kennemerland"."Topspin moet een blad zijn, geschreven voor en door Rapidityleden. Slechts dan is het verschijnen gewaarborgd en verantwoord" was de mening van de redactie. Desondanks bleek uiteindelijk toch het streven om de twee maanden te verschijnen niet haalbaar te zijn en zagen slechts vier nummers het daglicht. Bij de stukjesschrijvers uit de eerste jaren, "(Gas)FITTER, Tante, Tetro", was de inkt kennelijk ook opgedroogd want nog sporadisch werd er wat ingezonden. Alle oproepen om medewerking ten spijt was de redactie en het vullen van het blad nagenoeg een eenmans zaak geworden; die van Theo Schuijt. Het 4e jaargang 1959 zou ook weer uit slechts enkele nummers bestaan. Er werd toen maar besloten er mee op te houden.
Bij kampioenschappen, toernooien etc. werden door Rapidity leden ook veel persoonlijke successen geboekt. Henk Eijking en Corry Schuijt waren de vaandeldragers die een indrukwekkende erelijst opbouwden. Beiden werden regelmatig opgesteld in het afdelingsteam voor de jaarlijkse 'districtsontmoetingen'. Ook behoorden zij veelvuldig tot het deelnemersveld bij de afdelingsmeerkampen voor de sterkste dames en heren, de z.g." 8- en 10 sterren". In die periode voerde Corry een verwoede strijd met Anneke Lahey om de hegemonie binnen de afdeling. Maar ook nationaal manifesteerde zij zich en kwam zij meerdere malen met de sterkste dames van Nederland uit in de strijd om de "Limburg Coupe". Ook nam zij deel aan de W.K. '54 in Utrecht. Ondanks dat haar meedoen tot enkele partijen beperkt bleef, was alleen al het feit dat zij er bij was voor haar een bijzondere onderscheiding en waar ook "Rapidity" trots op was. Maar ook andere clubgenoten traden op de voorgrond en hielden de naam van "Rapidity' hoog zoals Gerard Kleijne, Carl Weber en Frans Krouwels. Bij de jeugd gingen Frans en Bernard Winder, Hans v.d.Meii, Frans van Woensel, Henk Geldermans, Theo Keet, Co Wittebrood naam in de afdeling maken en de meisjes Truus Rozemeijer, Ria Smit, Ans Hoog Antink. Dit drietal werd vanaf het seizoen '56/'57, het eerste damesteam. De vijftiger jaren was ook de periode dat veel leden inschreven voor de jaarlijkse afdelingskampioenschappen. Gezamenlijk trok men naar Haarlem en men bleef bij de wedstrijden tot het laatste lid uitgeschakeld was, Vooral de toernooien in het Krelagehuis werden druk Bezocht en hadden een aparte sfeer. Men ging daar graag naar toe; het was een hoogtepunt in het seizoen. En ook de resultaten mochten er wezen. Veel titels en prijzen werden daar weggehaald en naar Beverwijk meegenomen.
Ook stroopte een groep 'vaste klanten' de toernooien die door verenigingen georganiseerd werden en dat waren er toen heel wat. 'Vaste prik' uit die tijd waren de toernooien van Togido, DIOS, CSV, DHC, TYBB (o.a. in '58 in het Krelagehuis een sterkt bezet B-toernooi op 54 tafels waar Fans Winder de le-klas won!). Het aanbod was groot en de echte 'fanaten' maakten er een goed gebruik van. En de prijzenkasten thuis werden voller en voller. Vergelijkt men die tijd met de huidige dan is het wat dat betreft nu maar droevig gesteld. Maar tijden zijn er kennelijk om te veranderen. De mogelijkheden tot ontspanning waren toen ook anders dan nu.
Regelmatig werden ook vriendschappelijke- en oefenwedstrijden gespeeld. Hierbij waren de ontmoetingen met plaatsgenoot Hotac (jaren geleden ter ziele gegaan), met o.a. Ferry de Loor en Joop Weening, echte prestigeduels geworden. Het was een drukke tijd voor de club.
Naast sportbeoefening stand ook gezelligheid in het vaandel van "Rapidity" getuige de meerdere feest- en contactavonden die gehouden werden in "Parkzicht", café "Sport" en bij "Timmer".
Eind november '55 werd het 15-jarig bestaan in "Parkzicht" (hoek Groenelaan-Zeestraat) gevierd met een bonte avond met door de leden opgevoerde sketches. Een echte conferencier lijmde het geheel aan elkaar. Leo Boon stopte als actief speler in maart '56. Vanaf het begin was hij vaste keus geweest voor het 1e-herenteam. Daarnaast had hij zich jarenlang als bestuurslid voor de vereniging ingezet als secretaris en jeugdcommissaris.
Gaandeweg werd de zaal van de H. Hartschool toch wel te klein voor de club. Meer speelavonden, in de loop van de jaren al op Brie avonden gebracht, waren nodig voor de kompetitie, training en een vrije speelavond. Bovendien was de verlichting matig en voldeed bij lange na niet aan de voor tafeltennis gestelde normen. Ook de kleedgelegenheid was onvoldoende voor een gemengde vereniging en de dames moesten zich meestal in het donker van het toestellenhok verkleden. Een poging om in 1956 gebruik te gaan maken van een nieuwe zaal aan de Kuikensweg draaide op niets uit door de hoge huur en het feit dat er (volgens het schoolbestuur) geen ruimte was om de tafels op te bergen. Ook een verhuizing naar de nieuwe zaal van de LTS "St.Eloy" aan de Brink ketste in 1958 op tegenwerking van het schoolbestuur af. De zaal van de H. Hartschool bleef daarom de vaste locatie. Het kerkbestuur gaf wel gehoor aan de klachten over de gebrekkigheid van de zaal en liet in de laatste maanden van 1960 een renovatie uitvoeren. Het licht werd aanmerkelijk verbeterd en er kwam een kleedkamer met wasgelegenheid. Tijdens de verbouwing werd enige weken uitgeweken naar de zaal van Hotac in de Julianaschool aan de Prins Bernhardlaan.
Het verdere verblijf in de H.Hartschool duurde tot september '67 tot het bestuur het besluit nam om, na een verblijf van negentien jaar, over te gaan naar de zaal van het Pius X College.
Dit was ook merkbaar voor de eigenaar van café "Scheijwijk", op de hoek tegenover de school, waar het voor meerdere dames- en herenleden de gewoonte was geworden na afloop van een avond even binnen te stappen en nog wat 'na te hangen'. In maart 1958 achtte Gerard Kleijne de tijd gekomen om een streep te zetten onder het voorzitterschap van de vereniging, dat hij in 1951 na het vertrek van Dol van Duin op zich genomen had. Henk Eijking volgde hem voor de tijd van een jaar op tot hij naar Uithoorn verhuisde.